Zoek

Cluster Cybercrime

Leden

Rutger Leukfeldt (coördinator), Lukas Norbutas, Stijn Ruiter, Frank Weerman en Steve van de Weijer

Fellows

Tamar Berenblum (Hebrew University of Jerusalem), Thomas J. Holt (Michigan State University), Johan van Wilsem (WODC), Marleen Weulen Kranenbarg (Vrije Universiteit Amsterdam) en David Maimon (University of Maryland)

Doelstelling

Het doel van het cluster cybercrime is om de ‘menselijke factor’ in cybercrime te bestuderen. We definiëren cybercrime als alle misdrijven waarbij informatietechnologie (IT) een essentiële rol speelt. Er kan een onderscheid worden gemaakt tussen ‘traditionele’ misdrijven waarin IT wordt gebruikt als een instrument (bijv. internetfraude en de verspreiding van illegale inhoud zoals kinderporno) en ‘nieuwe’ misdrijven waarin IT het mikpunt is (bijv. hacking, het verspreiden van virussen, DDoS-aanvallen).

Theoretische uitgangspunten

Cybercrime omvat een groot aantal misdrijven en kan worden bestudeerd vanuit verschillende theoretische perspectieven. In het lopende onderzoek worden bijvoorbeeld de levenslooptheorie en gelegenheidstheorie gebruikt. Omdat er weinig empirisch onderzoek is verricht naar cybercriminaliteit, is het onduidelijk of – en in welke mate – traditionele theorieën uit de criminologie kunnen worden gebruikt om cybercriminaliteit te verklaren. De convergentie in tijd en ruimte van daders en slachtoffers is bij cybercriminaliteit zoals hacking anders dan die bij traditionele misdrijven zoals inbraak of overval. Daarom worden deze traditionele theorieën getest op hun geschiktheid met betrekking tot cybercrime.

Onderzoeksonderwerpen

Clusterleden bestuderen de ‘menselijke factor’ in cybercrime: daders, slachtoffers en andere belanghebbenden, en problemen rond de juridische benadering en regulering van cybercrime. Voorbeelden van recent onderzoek uitgevoerd door clusterleden zijn een onderzoek naar de oorsprong en groeiprocessen van cybercriminele netwerken; de risicofactoren voor het begaan van cybermisdrijven en slachtofferschap; levensloopfactoren en de invloed van persoonlijke netwerken; de effecten van reputatie; het verspreiden van informatie en het handhaven van regels met betrekking tot vertrouwen in criminele netwerken die opereren op het ‘dark web’ (de verborgen delen van het internet waar criminelen met elkaar omgaan).

Onderzoeksbronnen

We maken gebruik van traditionele gegevensbronnen zoals enquêtes, politiebestanden, het Stelsel van Sociaal-statistische Bestanden van het Centraal Bureau voor de Statistiek, maar ook van big data van het ‘dark web’. In de toekomst willen we ook gegevens van particuliere partijen (bijv. internetaanbieders of cybersecurity bedrijven) ontsluiten.

Internationale samenwerking

Clusterleden werken samen met wetenschappers van de Universiteit Leiden (Johan van Wilsem), University of Southampton (Anita Lavorgna), Michigan State University (Thomas Holt) en de University of Maryland (David Maimon).

Wie doen (geen) aangifte van cybercrime?

Ondanks dat het aantal slachtoffers van cybercriminaliteit de afgelopen decennia flink is toegenomen, worden deze delicten zelden gemeld bij de politie. NSCR-onderzoekers...
Lees meer

Slachtofferschap in een gedigitaliseerde samenleving

‘Er zijn jaarlijks al meer slachtoffers van hacken dan van fietsendiefstal’ In opdracht van het WODC is het NSCR een onderzoek gestart...
Lees meer
Bekijk archief berichten

NSCR