Zoek

Wie heeft een wiethok op zolder?

Regelmatig bericht de media over het aantreffen van grote hoeveelheden hennepplanten in woonhuizen. In deze illegale thuisteelt gaan flinke bedragen om. Maar bestaand onderzoek is voornamelijk gericht op criminele organisaties binnen de cannabismarkt. Het NSCR en de Universiteit Utrecht onderzochten specifiek de thuistelers en de factoren die de kans op het aantreffen van een hennepplantage op een bepaald woonadres beïnvloeden.

Vanwege de risico’s voor omwonenden, het verloederende effect op de buurt en de verweving tussen onder- en bovenwereld, wordt thuisteelt van hennep in toenemende mate gezien als een maatschappelijk probleem. Op basis van gegevensbestanden van de gemeente Eindhoven over de periode 2011 – 2016 bestudeerden de onderzoekers welke factoren maken dat mensen beginnen met het thuis telen van hennep en of er ook factoren zijn die ervoor zorgen dat mensen daar juist vanaf zien.

Thuiskwekerij willen, kunnen én durven beginnen

De onderzoekers keken naar factoren op persoonsniveau, zoals de gezinssamenstelling en financiële positie van bewoners; en naar factoren op buurtniveau, zoals de sociale cohesie, fysieke desorganisatie en het criminaliteitsniveau van de omgeving. Ze maakten onderscheid in factoren die samenhangen met de motivatie om een thuiskwekerij te willen beginnen, factoren die iemand in staat stellen om een hennepplantage te kunnen beginnen en factoren die maken dat iemand dat ook daadwerkelijk durft te doen.

Huurwoning, slechte financiën en detentieverleden verhogen risico op plantage

Met name factoren die iemand de gelegenheid geven een hennepplantage te kunnen beginnen, blijken het risico op het aantreffen van een plantage op een bepaald adres te verhogen. De kans op een hennepkwekerij is het grootst in particuliere geschakelde of (half)vrijstaande huurwoningen in buurten waarin eerder hennepkwekerijen zijn aangetroffen. Een nadelige financiële positie van de hoofdbewoner en het hebben van een detentieverleden vergroten ook de kans op thuisteelt op een adres.

Partner voorkomt mogelijk thuisteelt van hennep

Het risico op het aantreffen van een hennepkwekerij op een adres waar een getrouwd stel met kinderen woont, is kleiner dan op het adres van een alleenstaande man. Dit zou kunnen duiden op de controlerende functie die een partner heeft op het gedrag, maar ook op de afschrikkende werking van een mogelijke uithuiszetting wanneer de plantage wordt ontdekt.

Intensiveren van toezicht en snel reageren op signalen van thuiskweek

In veel Nederlandse gemeenten wordt thuisteelt actief bestreden. Het huidige onderzoek suggereert dat met name effect valt te verwachten van maatregelen gericht op het kunnen. Hierbij valt te denken aan het intensiveren van toezicht op de duurdere particuliere huursector en het snel reageren op signalen van thuiskweek in de buurt, om te voorkomen dat er een lokale kennispoel op dit terrein ontstaat. Daarnaast kan een actief sluitingsbeleid van woningen waar een hennepplantage wordt aangetroffen een geschikt afschrikmiddel zijn.

Publicatiegegevens en verder lezen

Berger, E., De Berk, V., Beijers, J. & Blokland, A. (2019). Wie heeft een wiethok op zolder? Een kwantitatief onderzoek naar risico- en beschermende factoren op persoons- en buurtniveau voor illegale hennepplantages in woningen. Tijdschrift voor Criminologie.

prof. dr. Arjan Blokland

Over prof. dr. Arjan Blokland


Arjan Blokland werkte tot 1996 als agent van politie bij het regio-korps Rotterdam-Rijnmond. Hij studeerde Strafrecht en Sociale Psychologie aan de Universiteit van Utrecht. In 2005 promoveerde hij (cum laude) aan de Universiteit van Leiden op een onderzoek naar de criminele carrières van een veroordeeldencohort uit 1977.

Vanaf 2005 is hij als (senior) onderzoeker werkzaam bij het NSCR. In 2006 werd zijn onderzoek naar de ontwikkeling van crimineel gedrag over het leven gehonoreerd met een VENI-subsidie. In 2010 ontving hij een tevens subsidie in het kader van NWO-middelgroot. Per 1 september 2010 is hij benoemd als Bijzonder Hoogleraar Criminology and Criminal Justice aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden. Zijn onderzoeksinteresse richt zich op de ontwikkeling van crimineel gedrag over de levensloop, (jeugdige)zedendelinquenten en evolutionaire verklaringen voor criminaliteit.

Arjan maakt deel uit van de Clusters Levensloop, Intergenerationeel en Sancties.

Bekijk alle berichten




NSCR